On Board

Commissarissen en toezichthouders in het nieuws

Loonsverhoging voor commissarissen Nationale-Nederlanden 

De commissarissen van NN Group krijgen een salarisverhoging. Volgens de verzekeraar is dat nodig omdat ze anders wel erg ver achterop raken bij wat in de markt gebruikelijk is. Voorzitter David Cole tekende voor twee jaar bij. Op termijn zal NN – het moederbedrijf van Nationale-Nederlanden – voor hem een vervanger gaan zoeken.

Het basissalaris van de voorzitter bij NN wordt met €10.000 bruto verhoogd tot €146.000. Reguliere commissarissen krijgen er €5000 bij en staan nu voor €80.000 op de loonlijst.

De ondernemingsraad adviseerde vooraf positief over de loonsverhoging. De aandeelhoudersvergadering ging met bijna 99% van de stemmen akkoord.

NN Group zou ernaar streven dat haar bestuurders en commissarissen minder verdienen dan de mediaan van een groep vergelijkbare bedrijven, waaronder ABN Amro, Achmea, Ageas, AkzoNobel, ASR, Aviva, Philips en Wolters Kluwer. De mediaan splitst een dataset in tweeën: de ene helft is kleiner dan de mediaan en de andere helft is groter.

(Bron: Het Financieele Dagblad)

Al wandelend met oortjes in vergaderen over crisis

Beroepscommissaris Joseph Kuling (onder meer president-commissaris van bouwbedrijf Strukton, Antea en moederbedrijf Oranjewoud) deelt in Management Scope de lessen die hij leerde in de rvc – in goede tijden (‘dan houd je bestuurders scherp en geef je ze nieuwe inzichten’) én in tijden van crises. Om de zaak-Sanderink kan hij niet heen: ‘Toen wij besloten Gerard Sanderink te schorsen en te ontslaan, dacht ik dat geen enkele DGA me ooit nog als commissaris zou aanstellen.’

Kuling vertelt ook hoe hij die roerige tijd heeft ervaren: 

‘De druk was groot. Antea draaide goed, maar voor Strukton lagen er existentiële vraagstukken. Onze taak was helder: waarde behouden en perspectief bieden. Dus vragen als: wat houden we vast, wat laten we los en hoe snel kunnen we de executive board weer laten functioneren? Het was cruciaal om de rvc daarbij op één lijn te houden. Je moet met elkaar die beslissingen nemen, soms met beperkte informatie. En er dan vervolgens achter blijven staan, de gelederen gesloten houden en doorpakken. Het was een spannende tijd. Zeer complex, ook juridisch.’

Hoe hield je het zelf vol?

‘Ook door fit te blijven. Daar moet je echt tijd voor inruimen. Mijn vrouw en ik zijn fervente langeafstandswandelaars. Op het hoogtepunt van de crisis hadden we net een wandeltocht naar Santiago de Compostela gepland. Net toen de hele affaire met de Ondernemingskamer ging spelen. Ik zei: wat er ook gebeurt, we gaan die drie weken wandelen. Toen heb ik al wandelend lopen vergaderen – met oortjes in. Eigenlijk is me dat goed bevallen. Door het wandelen was mijn hoofd verder leeg en kon ik steeds onbevangen tegen de zaken aankijken. Ik was fris. Er lagen allerlei moeilijke vraagstukken. Maar ik was plots op het toppunt van mijn creativiteit. Belde ik ’s avonds op met nog een paar nieuwe ideeën. Mijn collega’s zeiden zelfs: kun je niet nog een weekje langer blijven lopen?’

(Bron: Management Scope)

Derde rvc-lid voor Vitesse na machtsstrijd

Vitesse heeft de raad van commissarissen gecompleteerd. Het was al een tijdje wachten op de benoeming van een derde commissaris, nadat in oktober Claudia Lap en Jan Herman de Baas aantraden. Met Dennis Colly heeft Vitesse die kandidaat gevonden.

Vitesse wilde al langere tijd een derde commissaris aanstellen, maar het lukte niet overeenstemming te bereiken met de buitenlandse aandeelhouders. (Die wilden de directie en de rvc medio mei 2026 zelfs naar huis sturen, een actie die door de Arnhemse voetbalclub als niet rechtsgeldig werd beschouwd, red.) Nu alle aandelen in handen zijn van de Gelderse Sterkhouders BV pakt de club onmiddellijk door.

In de afgelopen maanden deden Lap en De Baas het werk getweeën, na het uitvallen van de zieke directeur Ben Mansvelder namen zij een deel van zijn taken over en onderhielden ze frequent contact met de KNVB over de overname van de zeggenschap door de Sterkhouders.

Dennis Colly heeft een achtergrond in het medialandschap en werkte in diverse functies op het snijvlak van commercie en finance. Hij was onder meer actief bij Endemol en Talpa. Later richtte hij het bedrijf Qisum op, en Nederlands streamingplatform voor muziek en video. Colly is benoemd door de Sterkhouders BV en treedt per direct aan.

Algemeen directeur ad interim Joost de Wit is blij met de aanstelling van de derde commissaris en zegt in een nieuwsbericht van Vitesse: ‘Met Dennis halen we een commissaris binnen die zijn sporen heeft verdiend in de mediawereld en ruime ervaring meebrengt op het gebied van commercie en finance. Een waardevolle toevoeging aan de RvC.’

(Bron: De Gelderlander)

Eumedion wil behoud meldingsplicht transacties bestuurders en commissarissen

Eumedion steunt in algemene zin het wetsvoorstel ter implementatie van de EU-richtlijn noteringen en benchmarks. Wel heeft de belangenvereniging voor institutionele beleggers zorgen over het geheel schrappen van de huidige meldingsplicht voor bestuurders en commissarissen inzake effectentransacties in de ‘eigen’ en ‘gelieerde’ ondernemingen.

Dit volgt uit het op 19 mei jl. door Eumedion aan de Tweede Kamer verzonden commentaar op het wetsvoorstel. Eumedion ziet dat de Europese meldplicht voor transacties van leidinggevenden deels overlap vertoont met de nationale meldplicht uit de Wet op het financieel toezicht (Wft) en begrijpt tegen die achtergrond de wens om aan te sluiten bij de Europese drempelwaarde van € 20.000 voor het melden van transacties door leidinggevenden.

In haar commentaar wijst Eumedion erop dat het wetsvoorstel verder gaat dan deze aansluiting en de nationale meldplicht in zijn geheel laat vervallen. Zij wijst erop dat de nationale meldplicht een bredere reikwijdte heeft dan de Europese meldplicht en ook het aandelen- en stemmenbezit in gelieerde uitgevende instellingen omvat. Het volledig schrappen daarvan leidt ertoe dat het overzicht van het aandelen- en stemmenbezit van bestuurders en commissarissen in die ondernemingen verdwijnt.

Hierdoor zijn institutionele beleggers minder goed in staat om: i) geïnformeerde beleggingsbeslissingen te nemen en ii) te voldoen aan de op hen rustende wettelijke verplichting om onder meer toe te zien op de corporate governance van uitgevende instellingen waarin is belegd. En hebben zij minder zicht op potentiële belangenconflicten en het risico van handel met voorwetenschap door bestuurders en commissarissen in effecten van gelieerde ondernemingen.

Eumedion pleit ervoor dat de nationale meldplicht zodanig wordt aangepast dat beleggers (in aanvulling op de Europese meldplicht) inzicht blijven houden in het aandelen- en stemmenbezit van bestuurders en commissarissen in gelieerde uitgevende instellingen. Het gehele commentaar kan worden gedownload via: https://bit.ly/3Pxrgc7.

(Bron: Nieuwsbrief Eumedion, mei-editie)

Groot advocatenkantoor moet raad van commissarissen instellen

Een onafhankelijke commissie pleit voor een grondige hervorming van het toezicht op de advocatuur. Kern: grote kantoren krijgen een externe toezichthouder én verplicht intern toezicht. Wat staat advocaten te wachten?

De Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA) ontving in mei 2026 een stevig rapport van de Commissie Kernwaarden Advocatuur en Alternatieve Organisatie Structuren, onder leiding van prof. Jaap Winter. De commissie trekt een heldere conclusie: het huidige stelsel om de kernwaarden van de advocatuur te beschermen schiet tekort — ook bij traditionele kantoren. De oplossing ligt in een nieuw, vierdelig toezichtstelsel.

Wat is er mis met het huidige toezicht?

Het proactieve toezicht door lokale dekens wordt in de praktijk nauwelijks ervaren, en verschilt sterk per arrondissement. Het klacht- en tuchtrecht werkt bovendien alleen reactief: er moet eerst iets misgaan voordat er wordt ingegrepen. Dat is onvoldoende, oordeelt de commissie, zeker bij grote kantoren. Naarmate een kantoor groter wordt, is de individuele advocaat meer afhankelijk van de kantooromgeving — en juist daar kunnen financiële doelstellingen druk zetten op de kernwaarden onafhankelijkheid, partijdigheid en integriteit.

Een tweede knelpunt: het toezicht richt zich uitsluitend op de individuele advocaat, niet op het kantoor als organisatie. Terwijl een kantoor met honderden advocaten en strakke omzetdoelstellingen een heel andere context schept dan een eenmanskantoor.

Het nieuwe stelsel: vier bouwstenen

De commissie stelt een basisstelsel voor dat bestaat uit vier elementen:

1. Modernisering van het klacht- en tuchtrecht Het klachtrecht moet worden gestroomlijnd, onder meer door betere triage tussen tuchtrechtelijke en niet-tuchtrechtelijke klachten. De persoonlijke verantwoordelijkheid van de advocaat blijft het uitgangspunt.

2. Proactief toezicht door de OTA De nog op te richten Onafhankelijke Toezichthouder Advocatuur (OTA) neemt het proactieve toezicht op individuele advocaten over van de dekens. De OTA krijgt bevoegdheden om informatie te vergaren en sancties op te leggen. Cruciaal: het toezicht moet principe-gebaseerd zijn en geen papieren compliance-exercitie worden.

3. Extern kantoortoezicht voor grote kantoren Kantoren met 33 of meer advocaten worden vergunning- of erkenningsplichtig bij de OTA. Aan hen worden eisen gesteld aan de wijze waarop kernwaarden zijn geborgd in de bedrijfsvoering. Denk aan: kwaliteitssystemen, evenwichtig beloningsbeleid en een cultuur die toepassing van de kernwaarden ondersteunt. Bestuurders — ook niet-advocaten — worden getoetst op geschiktheid en betrouwbaarheid.

4. Verplicht intern toezicht: raad van commissarissen Het meest ingrijpende voorstel: grote kantoren moeten een onafhankelijke raad van commissarissen instellen, of een one-tier board met een meerderheid van onafhankelijke niet-uitvoerende bestuurders. Alle drie leden moeten onafhankelijk zijn van het bestuur én van de aandeelhouders. Hun specifieke taak: toezicht houden op de beheerste en integere bedrijfsvoering die de toepassing van kernwaarden waarborgt.

Gefaseerde invoering

De commissie adviseert een gefaseerde aanpak. Kantoortoezicht zou eerst kunnen gelden voor kantoren met 65 of meer advocaten (21 kantoren, circa 3.000 advocaten), en pas later voor de groep van 33–64 advocaten (42 kantoren, circa 1.900 advocaten). Dit geeft de OTA de kans om kennis, expertise en gezag op te bouwen voordat het toezicht breder wordt uitgerold.

Het rapport is nu bij de NOvA en vormt de basis voor besluitvorming over aanpassing van de regelgeving rondom alternatieve organisatiestructuren.

(Bron: Advocatie)