In- en uitzoomen op ervaringsdeskundig toezien
Na de verankering van het ervaringsdeskundig perspectief in het toezicht, breekt een volgende fase aan: hoe acteert de organisatie in de omgeving? Bas Baanders, portfoliohouder en erelid van de Nederlandse Vereniging van Toezichthouders in Zorg en Welzijn (NVTZ), schetst de nieuwe uitdaging voor de boardroom. ‘Overweeg om de participatie van patiënt, burger, cliënt en ecosystemen op te nemen in het profiel en de bemensing van raden van toezicht.’
In 2019 verscheen in Governance Update het artikel ‘Gezocht: ervaringsdeskundigen in raden van toezicht’ over de relevantie van het ervaringsdeskundig perspectief voor goed toezicht. Het was het startschot voor een traject Ervaringsdeskundig toezien van de Nederlandse Vereniging van Toezichthouders in Zorg en Welzijn (NVTZ). Doel daarvan was raden van toezicht aan het denken te zetten over de manier waarop ze het ervaringsdeskundig perspectief kunnen verankeren in hun toezicht. De NVTZ vroeg mij om als NVTZ-dossierhouder de schouders hieronder te zetten.
Op dat moment was er nog niet veel kennis over beschikbaar, wel bestonden er veel vragen over de toegevoegde waarde van ervaringsdeskundigheid voor het interne toezicht. Sindsdien is het nodige gebeurd. Er is een webpagina waar veel inhoudelijke informatie ontsloten wordt. Verder is er een methodiek ontwikkeld waarvan raden van toezicht gebruik kunnen maken om te kiezen uit manieren om ervaringsdeskundigheid een plek te geven in hun toezicht.
Als definitie van ervaringsdeskundigheid wordt daarbij aangehouden: ‘De ervaring die mensen hebben opgedaan met zorg en ondersteuning omdat ze daar voor zichzelf een beroep op moesten doen of omdat ze naaste zijn van iemand die zorg en ondersteuning nodig had.’
Toezichthouders delen ervaringen
Ervaringsdeskundigheid op zichzelf kwalificeert nog niet voor het toezichthouderschap. Het is belangrijk dat mensen hun eigen ervaringen overstijgen en vanuit een meer geaggregeerd niveau kunnen inbrengen. In de interviewreeks ‘Ervaringen van toezichthouders met ervaringsdeskundigheid’ delen toezichthouders met hun collega’s hoe ze ervaringsdeskundigheid een plek geven in hun (raad van) toezicht. Het interview met Annemarie Maarse is een mooi voorbeeld.
In de raad van toezicht van Amsta, waarvan Maarse lid was, had ze onder meer de portefeuille huisvesting onder haar hoede. Zij is moeder van een zoon met complexe beperkingen, die in haar eigen regio een flink beroep op gehandicaptenzorg moet doen. Als toezichthouder in een andere regio bezocht ze een locatie van Amsta die ingrijpend gerenoveerd zou worden. Daar ontmoette ze een bewindvoerder die dertig mensen onder haar hoede heeft. Die vertelde dat ze dat deed voor mensen van wie de ouders overleden zijn, of die geen familie hebben die het bewind zouden kunnen voeren.
Nieuw perspectief inbrengen
Het greep Maarse als moeder aan: dit was het voorland voor haar zoon. Het doordrong haar ervan dat een locatie een ruimte moet zijn waar je echt goed kan wonen en die zo aantrekkelijk is omdat mensen er graag komen en blijven werken. Bij de rvt-bespreking van de vastgoedplannen kwamen de gebruikelijke onderwerpen aan de orde: bouwtekeningen, financiering, vergunningen en conceptcontracten. In aanvulling daarop bracht Maarse de vraag in of de gerenoveerde locatie een plek zou zijn om heerlijk te wonen en uitnodigde om er te komen en blijven werken. Dat bracht een nieuw perspectief in de rvt-bespreking. Haar collega’s waren daar blij mee en geven aan dat ze het belangrijk vinden als dit perspectief wordt ingebracht in de rvt.
Ervaringsdeskundigheid vereiste competentie rvt
In het algemeen kunnen we stellen dat toezichthouders steeds meer onderkennen dat het ervaringsdeskundig perspectief onderdeel zou behoren te zijn van de vereiste competenties van ieder lid van een rvt. (Zie ook bijvoorbeeld het interview met Jan Willem Bedeaux.)
In het voorjaar verscheen een gezamenlijke Handreiking ervaringsdeskundigheid doet ertoe in goed toezicht!, een uitgave van LOC Cliëntenraden en NVTZ, geschreven door Xandra van der Kruk en ondergetekende. De handreiking staat in het teken van de werving van toezichthouders die – naast talent voor toezicht houden – het ervaringsdeskundig perspectief kunnen inbrengen.
Hoe vind je geschikte kandidaten?
De samenwerking tussen LOC Cliëntenraden en de NVTZ was logisch: cliëntenraden hebben immers het recht op de bindende voordracht voor een lid van de rvt. Het komt regelmatig voor dat cliëntenraden een toezichthouder willen voorstellen die mede kan putten uit ervaringsdeskundigheid. Soms weten cliëntenraden niet hoe ze geschikte kandidaten op het spoor kunnen komen. De handreiking bevat daarvoor tips en ervaringen.
De publicatie kan ook gebruikt worden door raden van toezicht die zelf een collega met ervaringsdeskundig perspectief willen werven. Ten slotte is de publicatie bedoeld voor werving- en selectiebureaus, voor wie de werving van toezichthouders die kunnen putten uit ervaringsdeskundige kennis, een nieuwe tak van sport is.
De handreiking gaat ervan uit dat in het de meest geschikte werkwijze is als cliëntenraden, raden van toezicht en – indien van toepassing – het wervingsbureau samen optrekken. In het algemeen is het verrassend hoeveel geschikte kandidaten reageren.
Oog hebben voor de omgeving
Inmiddels dient zich alweer een andere fase aan: na inzoomen moet vervolgens weer worden uitgezoomd. Daarover verscheen recentelijk in het tijdschrift Goed Bestuur en Toezicht het artikel ‘Burgers, ervaringsdeskundigheid en ecosystemen. Hoe ga je daarmee om in de boardroom?’ De meeste mensen leven in meer of mindere mate in hun eigen omgeving: buurt, wijk, dorp, stad(sdeel). Als de ervaring van burgers een plek krijgt in het toezicht, moet je als rvt ook oog hebben voor de omgeving waarin burgers wonen en leven. Dat is de volgende stap in het traject om ervaringsdeskundigheid een plek te geven in het toezicht. Hoe verhoudt de organisatie zich tot de omgeving waarin deze functioneert?
Tweerichtingsverkeer
Nu is het nog gebruikelijk dat burgers zich aanpassen aan het ecosysteem in ziekenhuis of woonvoorziening. Het is echter de vraag of het uiteindelijk niet twee richtingen zou kunnen zijn: dat ziekenhuizen of woonvoorzieningen zich plooien rondom de karakteristieken van buurten, rondom de vragen die daar leven en dat ze dat samen doen met zorgzame gemeenschappen die op talloze plekken in Nederland al bestaan.
Regionale netwerken
Na dus eerst ingezoomd te hebben op wat de burger meemaakt die een beroep doet op professionals en hun organisaties, is het logisch uit te zoomen op de omgeving waarin die burgers leven. Dat leidt ertoe dat organisaties steeds meer als regionale netwerken gaan functioneren, waarbij verschillende partijen gezamenlijk zorg en ondersteuning bieden. Organisatienetwerken en zorgzame gemeenschappen doen opgang, zeker tegen de achtergrond van IZA, AZWA en de Zorgakkoorden (voorheen: De Juiste Zorg op de Juiste Plek).
Samen in buurtmoestuin werken
Veel problematiek die aan medische professionals wordt voorgelegd kan al eerder en dan preventief in het sociale domein aangepakt worden. In zorgzame gemeenschappen organiseren burgers zelf sociale activiteiten. De insteek is praktisch, rechtstreeks en vaak verbluffend eenvoudig. Bijvoorbeeld elkaar treffen door gezamenlijk een maaltijd te maken en verorberen. Of gezamenlijk werken aan buurtmoestuinen: een groene leefomgeving en gezamenlijke activiteiten lokken beweging uit, wat gevolgen heeft voor de gezondheid. Bovendien wordt gestimuleerd dat mensen elkaar ontmoeten en samenwerken aan een mooiere woonomgeving, wat goed werkt tegen eenzaamheid. Organisaties hebben daarin een rol, maar dan met name binnen de sociale context: in de mate waarin ze opereren in de leefomgeving van burgers.
Tips voor toezichthouders
De rvt houdt toezicht op hoe de organisatie acteert in de omgeving. Enkele tips voor toezichthouders: let er als raad op dat organisatienetwerken zodanig zijn ingericht dat de burgers (en dus niet alleen de instellingen zelf) er baat bij hebben. Verder kan overwogen worden om ‘patiënten/burger/cliëntenparticipatie en ecosystemen’ op te nemen in het profiel en de bemensing van raden.
Klik hier voor contact met Bas Baanders.
Bekijk ook het dossier Ervaringsdeskundig toezien bij de NVTZ.