Wie is er bang voor de Epstein Files?
De fall-out van de Epstein-documenten raakt ook de corporate wereld. Wordt úw ceo of chair genoemd? Ook als dat niet zo is, horen moreel leiderschap en integriteit bovenaan de agenda van de volgende commissarissenvergadering te staan. Want voorkomen is beter dan genezen.
Tien jaar geleden (2016) waren ze er ineens: de Panama Papers. Via een datalek bij advocatenkantoor Mossack Fonseca kwamen grootschalige belastingontwijking en witwaspraktijken via offshorebedrijven aan het licht. Met naam en toenaam van de personen die gebruik zouden maken van fiscale constructies op belastingparadijzen. Zo werd onder meer de naam van oud-NS-topman Bert Meerstadt genoemd, wat leidde tot zijn vervroegde vertrek als commissaris van ABN Amro. Ook stapte hij per direct op als commissaris van Lucas Bols. Meerstadt zei niets te maken hebben met belastingontwijking, maar wilde niet dat zijn toezichtorganisaties nadelige effecten zouden ondervinden van de negatieve publiciteit rond zijn persoon.
Klein bier
Vijf jaar later (2021) waren er de Pandora Papers, die blootlegden hoe criminelen, politici, popsterren, topsporters en oligarchen hun vermogen wereldwijd in belastingparadijzen onderbrachten. Ook nu vielen namen van Nederlandse topcommissarissen. Zo bleken ABN Amro-president-commissaris Tom de Swaan, Alexandra Schaapveld (destijds commissaris Société Générale) en Maarten Muller (destijds commissaris Van Lanschot Kempen) belangen in dezelfde brievenbusfirma op de Maagdeneilanden te hebben. Wopke Hoekstra, destijds demissionair minister van Financiën, was tot 2017 aandeelhouder. Klein bier, riepen de betrokken commissarissen: het ging slechts om een investering in een goed doel van een bevriende relatie. De Swaan en Muller deden uiteindelijk afstand van hun aandelen, maar niet van hun positie als commissaris.
Koppen gerold
En weer vijf jaar later zijn er nu de Epstein Files die prominenten overal ter wereld slapeloze nachten bezorgen. Bang dat hun naam wordt genoemd in de drie miljoen documenten die het Amerikaanse ministerie van Justitie onlangs heeft vrijgegeven. Het wereldomspannende netwerk van de Amerikaanse veroordeelde zedendelinquent Jeffrey Epstein – in 2019 in zijn gevangeniscel overleden – verbond de machtigen der aarde: staatshoofden (Trump, Clinton), royalty, ceo’s, politici en celebrity’s. De fall-out van de Epstein Files is enorm. De Britse Andrew Mountbatten-Windsor (zijn koninklijke titels zijn hem ontnomen) ligt al jaren onder vuur vanwege zijn connecties met Epstein, ook ná de veroordeling van de Amerikaanse multimiljonair in 2008 wegens seks met een minderjarige. Maar ook bijvoorbeeld de naam van de Noorse kroonprinses bleek voor te komen in de Files: Mette-Marit heeft snel haar excuses gemaakt voor haar jarenlange vriendschap met Epstein. In de VS, Groot-Brittannië, Noorwegen en Frankrijk liggen de hoofden van (oud-)politici en diplomaten inmiddels op het publicitaire hakblok vanwege hun contacten met de pedofiel. Mensenhandel, seksueel misbruik, mogelijke corruptie en doorspelen van geheime overheidsinformatie: het zit allemaal in de Epstein-box van Pandora. Er zijn inmiddels al heel wat koppen gerold en er zullen er nog meer volgen, naarmate de Files hun giftige inhoud verder prijsgeven.
Foolish
Ook ceo’s worden genoemd in de Epstein Files, zoals onder meer Richard Branson van Virgin en Bill Gates van Microsoft. Gates’ naam kwam voor in een nooit verzonden conceptmail van Epstein waarin deze claimde dat de medeoprichter van Microsoft een soa had opgelopen bij een buitenechtelijke relatie. Gates zelf ontkent dat overigens en heeft inmiddels zijn excuses aangeboden voor de tijd die hij met Epstein doorbracht. ‘I was foolish to spend time with him. I was one of many people who regret ever knowing him’, zei hij in 9News.
Audit- en riskcommittee start onderzoek
Of neem het World Economic Forum (pas weer in het Zwitserse Davos): ook het jaarlijkse prestigieuze corporate topevent werd meegesleurd in de mondiale Epstein-commotie, toen WEF-ceo (en Noors ex-minister) Børge Brende bleek voor te komen in de documenten: hij naam deel aan drie diners waarbij Epstein aanwezig was en had contact via e-mail en sms. De board van WEF besloot vervolgens in actie te komen: ‘Met het oog op deze interacties heeft het bestuur het audit- en risicocomité gevraagd naar de zaak te kijken. Daarop besloot het comité een onafhankelijk onderzoek te beginnen.’ Brende kan voorlopig aanblijven als ceo, maar wordt niet betrokken bij het onderzoek. Overigens trad vorig jaar april WEF-oprichter Klaus Schwab al terug als chairman, nadat de board een onderzoek instigeerde naar verdenkingen van wangedrag, waarvan Schwab overigens werd vrijgesproken. Wel was een van de conclusies van het onderzoek dat de governance van het Forum op de schop moest.
Publicitair net sluit zich
Hebt ú al bedacht dat de namen van de bestuurders waarop u toezicht houdt, misschien ook wel eens zouden kunnen voorkomen in de Epstein Files? Of de namen van de voorzitter/chair of collega-commissarissen, zeker als het gaat om buitenlandse toptoezichthouders in de rvc of board? Dat laatste maakt de kans op het deel uitmaken van het internationale netwerk van Epstein immers groter. Alleen vermelding in de Epstein Files hoeft trouwens nog niet te duiden op nauwe contacten met de zedendelinquent of wangedrag. Maar hoe vaker de naam in de documenten voorkomt, hoe intensiever de betrokkenheid en hoe meer het publicitaire net zich sluit rond de betreffende personen, met vergaande consequenties voor hun reputatie, zakelijke en maatschappelijke positie én de organisaties waaraan ze verbonden zijn.
Class action
Iedereen die in de files voorkomt, ziet zijn of haar reputatie bezoedeld en heeft op zijn minst iets uit te leggen. Als het gaat om de ceo of een andere prominente bestuurder, wordt ook de organisatie vól geraakt. Zo worstelt het Britse Barclays met de fall-out van de banden die vorig topman Jes Staleys onderhield met Epstein en de belastende informatie over de gewezen ceo in de files. Staleys werd overigens al in 2019 beschuldigd van een nauwe relatie met de zedendelinquent en van seksueel wangedrag (door hem ontkend, hij is er ook niet voor vervolgd). Om die reden trad hij in 2021 terug als topman van de bank en werd hij in 2023 verbannen uit de Londense City door de Financial Conduct Authority (FCA). Barclays en chair Nigel Higgins zijn nu het voorwerp van een class action van Amerikaanse pensioenfondsen. De grote beleggers verwijten de bank dat deze hen heeft misleid over de relatie van Staleys met Epstein, omdat die pas ná het publieke FCA-onderzoek naar buiten kwam en hun aandelen vervolgens deed kelderen. De affaire sleept dus ook het bedrijf en de board mee.
Better safe than sorry
Wat is de moraal van dit verhaal? Het privéleven van topbestuurders, hun normen en waarden – of liever gezegd: het gebrek daaraan – en hun gedrag kunnen een groot risico vormen voor de organisatie. De ceo’s en executives die zich met Epstein inlieten maakten zichzelf kwetsbaar voor chantage, reputatieschade, verlies van de topjob, de bijbehorende vergoeding (Staleys liep bij Barclays 18 miljoen pond mis aan salaris en bonussen) en cancelling door hun contacten met de zedendelinquent. Erger nog: ze maakten óók hun organisaties kwetsbaar. Alle reden voor boards om alert te zijn. Háál de namen van topbestuurders en de bedrijfsnaam door de Epstein Files. Zie dat niet als een motie van wantrouwen: better safe than sorry. Als er iets gevonden wordt, ook al is of lijkt het onschuldig: spreek de bewuste personen erop aan en zet ze eventueel op non-actief, ga direct met het nieuws naar buiten en start een onafhankelijk onderzoek.
Morele kwetsbaarheid
Maar ook als er vermelding of geen belastende zaken gevonden worden in de Epstein Files: zet het thema op de agenda van de commissarissenvergadering. Laat de audit-, risk- en benoemingscommissie zich erover buigen. Hoe robuust of juist kwetsbaar is de organisatie als het gaat om moreel leiderschap en integriteit? Hoe krijgen we daar grip op? In hoeverre hanteren we morele gravitas als (belangrijkste) selectiecriterium bij de benoeming van nieuwe bestuurders en (buitenlandse) toezichthouders? Moet de governance worden aangescherpt? Moeten wij als commissarissen weer meer afgaan op onze mensenkennis, intuïtie en niet-pluisgevoel, in plaats van op systemen, processen en protocollen?
Vingeroefening
‘Wie met pek omgaat, wordt ermee besmet’, luidt het spreekwoord. Dat gaat zeker op in de Epstein-zaak. Niet alleen voor de betrokken bestuurders, maar zeker ook voor hun organisaties. Commissarissen worden geacht de continuïteit te bewaken, zowel in financiële en operationele zin als qua leiderschap. Alertheid is dus geboden, net als snelle actie, indien nodig. En wie weet welke papers of files over vijf jaar de corporate wereld op zijn kop zetten? De Panama en Pandora Papers? Die vormden slechts een vingeroefening.